Email_blauwFacebook_blauw

Microtie giraffe ( 30cm hoog )

€ 25,00 inclusief verzendkosten
binnen Nederland.

Bestellen ...

AfterShokz Bluez 2s

Deze koptelefoon bestellen, Lees meer ...

 


Geleidingsslechthorendheid


Wat is een “geleidingsverlies” en wat voor een slechthorendheid geeft dat?

Wat is geluid?

Geluid is een trilling in de lucht, die via de uitwendige gehoorgang, het trommelvlies en de drie gehoorbeentjes (hamer, aambeeld en stijgbeugel) overgebracht wordt op de vloeistof (endolymphe) van het binnenoor. Het zintuig in het binnenoor zet die trilling, aangeleverd aan de binnenoorvloeistof, over in een zintuiglijke prikkel van de gehoorzenuw. In een specifiek deel van de hersenschors wordt die prikkel omgezet in een geluidswaarneming.

Wat is een “geleidingsverlies” en wat voor een slechthorendheid geeft dat?

Een geleidingsverlies kan maximaal 60 dB groot zijn. Wanneer het geluid in de uitwendige gehoorgang door een hoortoestel (een “luchtgeleidingshoortoestel”) versterkt wordt, kan dat verlies grotendeels gecompenseerd worden. Voor het zinvol gebruik van een hoortoestel moet een gehoorverlies echter wel 30-35 dB groot zijn.

Bij een benige aangeboren afsluiting van de uitwendige gehoorgang is het aanpassen van een luchtgeleidings-hoortoestel meestal niet mogelijk, omdat er geen ruimte is voor het plaatsen van het oorstukje in de oorschelp naar de gehoorgang. Soms lukt dat wel enigermate wanneer er een spleetvormige afsluiting van die uitwendige gehoorgang bestaat (zoals bij type I en IIA volgens de Altmann-Cremers classificatie). Via het oorstukje wordt het versterkte geluid dan als een trilling DIRECT aan het schedelbot overgedragen. Feitelijk functioneert zo’n aanpassing met een luchtgeleidings-hoortoestel dan toch als een beengeleider hoortoestel. Zo komt het geluid dan toch bij het binnenoor en kan het geluid weer verder doorgegeven gaan worden. Dan ontstaat opnieuw een geluidswaarneming op hersenniveau.

 

Bron: prof. Cremers